Historie - Bettinehoeve
In 1982 is de Bettinehoeve (Bettine was het Nederlandse woord voor geit in de 17e eeuw) opgericht door Johan Ewijk. Johan Ewijk besloot in dat jaar neer te strijken in Etten-Leur om voor zichzelf te beginnen. Dit begon met het melken van 2 geiten. Na verloop van tijd begon de Bettinehoeve naast het houden van geiten ook de geitenmelk te verwerken tot kaas. In 1990 werd besloten te stoppen met het houden van melkgeiten en ging men zich volledig richten op de productie van geitenkaas, waarbij melk gekocht werd van geitenboeren in de omgeving.
In 1992 op schrikkeldag 29 februari sloeg echter het noodlot toe, toen de kaasmakerij van de Bettinehoeve volledig afbrandde. Deze zwarte periode werd in februari 1993 afgesloten met de opening van een nieuwe moderne productielocatie op dezelfde plek als de oude boerderij.
In 1997 verlegt de Bettinehoeve helemaal tegendraads haar koers door te kiezen voor de productie van verse geitenkaas. De productie van harde kazen wordt ondergebracht bij andere producenten. Dat is niet zonder risico want er is méér vraag naar harde geitenkazen. Omdat daarna juist de vraag naar de verse geitenkaas explodeert, blijkt deze keuze een schot in de roos te zijn.
10 jaar later in 2007 heeft het bedrijf een 2e productielocatie van 2000m2 geopend. Deze moderne productielocatie geeft de Bettinehoeve de mogelijkheid in de toekomst te kunnen blijven voldoen aan de steeds groeiende vraag naar geitenkaas in Europa. De "hoofdzetel" aan de Bankenstraat in Etten Leur, daar waar het allemaal begon, zal ten aller tijden als hart van het bedrijf blijven bestaan.




